Memphis soep

Tikfout? Nee hoor! Na een lange radiostilte (waarover hieronder meer), is Diana van Ewijk weer terug op Oh Marie! en wel in de hoedanigheid van Soephoofd, haar nieuwe onderneming. Voor ieder thema bedenkt Diana een gemakkelijk te maken soep en stylen we hem af in themasfeer. In deze eerste editie: Memphis soep met bacon wrapped banana bites. Diana: “Bij Memphis denk ik meteen aan The King, a.k.a. Elvis de Pelvis. Één van zijn favoriete gerechten was de peanutbutter, banana & bacon sandwich… Laat je nu van exact deze ingrediënten een geweldige soep kunnen brouwen!”

Tekst – Diana van Ewijk
Fotografie/styling – Marlous Snijder

Memphis soep - Oh Marie!
Hoi Diana! Hé, je schreef eerder columns voor Oh Marie! en toen verdween je van de radar, wat was er loos?
Ziek geworden! Het is een heel on-glamourous verhaal… Ik heb al jaren Spondylartopathie (moeilijke naam, ik noem het een lieve vorm van reuma), waar ik vrij goed mee kon werken. Afgelopen zomer ging de reuma jammer genoeg next level: ik kon letterlijk niet meer lopen. Laat staan typen. Helder nadenken ging trouwens ook niet, op de één of andere manier heeft de reuma invloed op mijn concentratievermogen. Ik lag hele dagen op bed, wat op zich de uitgelezen plek is om eens goed na te denken, maar elke keer als er een interessante gedachte opkwam, raakte ik na een halve minuut de draad kwijt. Alsof ik een dikke mist inliep, heel gek.

Wat was er eerder, het soephoofd of de soep?
Het soephoofd! Ik was altijd al vergeetachtig, maar door de reuma werd dat een stuk erger. Ik kon niet helder nadenken, en mijn kortetermijngeheugen reikte ongeveer tot aan het voeteneind van mijn bed. Het enige wat een beetje ging, was koken. Niet te ingewikkeld: een beetje hakken, schillen en alles in één pan gooien – dat was zo’n beetje het enige wat ik nog kon. En wat ook nog een resultaat opleverde waar ik (en de rest van mijn huishouden – ook niet onbelangrijk :-)) blij van werd.

Hoe is het nu met je?
Goed! Ik heb eind vorig jaar, toen ik een beetje op begon te krabbelen, een paar belangrijke knopen doorgehakt waardoor ik nu het hele jaar de tijd heb om mezelf weer op de rit te krijgen. De reuma heeft me een heel ander leven, met een heel andere focus gegeven, en daar ben ik dankbaar voor.
Waar ik vroeger een stuk of 10 lijsten vol doelen had, die ik ook allemaal full speed najaagde, heb ik voor dit jaar maar één doel: een gezonde levensstijl voor mezelf (en mijn gezin) ontwikkelen. Ik leer steeds beter koken (vroeger kon ik nog geen ei koken zonder de kooktijd te googlen), ik eet 50/50 (zoveel mogelijk lokaal & seizoensgebonden, zo min mogelijk industrieel bewerkt en de helft van alles wat ik eet is groenten of fruit).

Waarom soep?
Soep is makkelijk om te maken en kun je barstensvol groenten proppen. Ik eet zelfs twee keer per dag soep: één keer voor lunch en één keer als voorgerecht, voor het avondeten. Zo kom ik makkelijk aan die 50/50.

Wat is de lekkerste soep die je tot nu toe maakte?
De Vichyssoise! Alhoewel de Bissara ook heel hoge ogen gooit. En deze pindasoep natuurlijk – maar dat spreekt voor zich!

Memphis soep - Oh Marie!
Memphis soep met bacon-wrapped banana bites

Ingrediënten voor de soep (4 personen)
Een ruime liter bouillon (groentebouillon voor vegans en vega’s, kip voor wie van vlees houdt!) Tip: als je pindakaas met zout gebruikt, gebruik dat één bouillonblokje in plaats van twee.
1 flinke ui (een rode ui is hier lekker in, maar een ordinaire gele ui is ook prima!).
2 eetlepels geschilde en geraspte gember (meer mag ook, als je van gember houdt).
4 à 5 tenen uitgeperste knoflook.
Ongeveer 500 gram gewassen en schoongemaakte spinazie (of andijvie, of postelein, net wat je lekker vindt! Haal de harde nerven eruit, dat is veel lekkerder eten).
200 – 300 gram pindakaas (hoe beter je pindakaas, hoe lekkerder je soep. En voor mij geldt ook: hoe meer pindakaas, hoe lekkerder! Maar doe er zoveel bij als jij lust).
125 gram geconcentreerde tomatenpasta (dat is die geconcentreerde, uit een tube of klein blikje).
Dopje (witte wijn)azijn.
Sambal naar smaak.
Gehakte gezouten pinda’s, naar smaak.
Zout en peper naar smaak.
Olie om in te bakken.
Optioneel: per persoon een flinke eetlepel gekookte rijst.

Ingrediënten voor de bacon-wrapped banana bites
2 (bak)bananen (het belangrijkst is dat ze rijp en zoet zijn).
4-5 plakjes bakbacon (dat is dikgesneden bacon).
maple syrup (of gewone suikerstroop – ook heel lekker!).
cocktailprikkers.

Klinkt als veel? De bereidingswijze valt enorm mee!

Verhit in een soeppan de olie en fruit de uitjes aan. Voeg na een paar minuten, als de uitjes glazig zijn, de knoflook en de gember toe. Dek af met een laagje zout en laat op laag vuur bruin worden.
Voeg na een minuut of 10 de bouillon toe en breng aan de kook.
Mix in een grote, hitte-bestendige schenkbeker de pindakaas met de tomatenpasta en de sambal, roer goed door, en giet er een halve liter bouillon bij. Meng tot een klontvrij geheel, giet terug in de soep en roer goed door. Je pinda-bouillonbasis is nu klaar.
Voeg de spinazie (of andere bladgroenten die je gebruikt) toe en laat op laag vuur meekoken tot ze geslonken zijn.
Proef op smaak: houd je van pittig, voeg dan meer sambal toe. Breng daarna op smaak met zout en peper en laat nog een minuut of 10 doorsudderen zodat alle smaken goed gemengd zijn. Blijf roeren! Als de groenten aan de bodem aankoeken, brand je soep aan en dat zou zonde zijn…
Hak in de tussentijd je pinda’s fijn en kook de rijst.
Is je soep klaar? Schep de rijst in kommen, giet er de pindasoep over en top af met gehakte pinda’s. Ook lekker met een handjevol gehakte koriander!

Bereidingswijze bacon-wrapped banana bites
Verwarm je oven voor op 200 graden.
Snij de banaan in 5 stukken, omwikkel de banaanstukjes met een plak bakbacon (heb je kleine stukken, snijd de bacon dan op maat) en zet vast met een prikker.
Zet in de oven en bak knapperig, in een minuut of 10.
Haal de bacon-wrapped banana’s uit de oven en bestrijk met maple syrup. Laat even lekker intrekken en serveer bij je pinda-soep!

Binnenkijken: gedeelde liefde op 80 vierkante meter

Binnenkijken La Nonette en Doeke van Nuil - Oh Marie!
Manon Bijkerk (a.k.a. La Nonette) en Doeke van Nuil delen veel liefdes. Voor illustratie, voor vintage, dinosaurussen, Franse koekjes, Angus de kat en…elkaar.

Ze wonen en werken in een zeventiger jaren flat in Utrecht, wat een stuk saaier klinkt dat het in werkelijkheid is. In de jaren ’70 hield men er namelijk verrassend hedendaagse ideeën over huisvesting op na. Waar hipsters tegenwoordig muren en deuren uit hun huis slopen, werden die in de jaren ’70 simpelweg niet geplaatst of vervangen door schuifdeuren. Het resultaat is een licht, ruim en loft-achtig appartement.

We vroegen Manon en Doeke hoe het is om zoveel liefdes onder één dak met elkaar te delen en of ze het weleens vreselijk oneens zijn met elkaar. Op werk- of interieurvlak. Het resulteerde in een opvallend liefdevol gesprek.

Wij waarschuwen dus alvast: als je erg bent gehecht aan je maandagmorgenhumeur, moet je nú stoppen met lezen. Die vervliegt namelijk gegarandeerd bij het verhaal van dit onweerstaanbare koppel!

Tekst en foto’s – Marlous Snijder

Binnenkijken La Nonette en Doeke van Nuil - Oh Marie!
Ha Manon en Doeke! Wie, wat, waar, waarom, wanneer…kortom: vertel eens over jullie? (Doeke was helaas afwezig tijdens de fotoshoot – red.)
Ik ben Manon, ik ben 26 en werk onder de naam La Nonette als illustrator in Utrecht. Ik heb op het ArtEZ gestudeerd in Zwolle en aan het Escola Massana in Barcelona een Erasmus gedaan. Door mijn studie in Barcelona heb ik een diepe liefde voor patronen, zachte kleuren en de zon. Tekenen doe ik al zo lang ik me kan herinneren en ik heb op jonge leeftijd al een heel eigen stijl ontwikkeld. Ik werk bij voorkeur handmatig met een eigen verftechniek die uit het aanbrengen van veel dunne lagen bestaat.

Binnenkijken La Nonette en Doeke van Nuil - Oh Marie!
Ik hou niet van zwartwitdenken maar juist van het grijsgebied ertussen. Grijs betekent balans! Ik hou van thee maar ook van koffie, ik eet graag gezond maar ontzeg mezelf geen koekjes en chocolade, ik zit graag met de kat op schoot op zaterdagavond een spelletje te spelen, maar rol net zo makkelijk na een nacht dansen om 7 uur ’s ochtends mijn nest in. Ik ben verlegen en sociaal tegelijkertijd zeg maar. Zie, allemaal grijs!

La Nonette is ook echt mijn werkpersoonlijkheid. Dat voelt soms weleens een beetje gespleten omdat ik in het echt soms anders ben dan mensen verwachten en tegelijkertijd precies mijn werk ben. Nonette is heel erg mijn nostalgische en magische kant, alhoewel ik de laatste tijd ook probeer om ook mijn lompe en meer rebelse kant naar voren te laten komen.

Hallo! Ik ben Doeke, 28 jaar en werkzaam als illustrator onder de naam Studio Doeke. Net als Manon heb ik op Artez Zwolle gestudeerd (daar hebben we elkaar ook leren kennen) en heb ik ook in Barcelona een Erasmus gedaan.

Ik ben erg van de momenten, teken graag een beeld waar ik een gevoel aan koppel. In mijn werk staan menselijke karakters vaak centraal: ik hou ervan een verhaal te creëren. Voor mijn vrije werk illustreer ik graag spreuken zoals ‘Plants are friends’.

Afgelopen jaar ben ik begonnen met een master aan de Design Academy Eindhoven en daar ben ik aan het experimenteren om mijn ideeën en manier van werken ook op andere manieren toe te passen.

Binnenkijken La Nonette en Doeke van Nuil - Oh Marie!
Binnenkijken La Nonette en Doeke van Nuil - Oh Marie!
Vanwaar die liefde voor Franse koekjes?
Manon: Mijn ouders gingen altijd op vakantie naar Frankrijk en houden zo van het land dat ze er inmiddels de helft van het jaar verblijven. Mijn vader is opgegroeid in Brussel en is tweetalig.

Tijdens een vakantie in hun huisje in Frankrijk kocht mijn vader een keer koekjes (eigenlijk zijn het meer een soort cakejes) die Nonnettes heten. Die naam bleef meteen hangen omdat het een combinatie is van mijn twee voornamen: Manon en Nanette. Ik heb zelf eigenlijk nooit heel veel met de naam Manon gehad en besloot tijdens mijn afstuderen onder de naam Nonette te gaan werken. Af en toe word ik nu ook aangesproken met Nonette, wat ik eigenlijk wel leuk vindt. Er is trouwens ook een dorp dat Nonette heet, die bewoners daar zullen wel minder blij met me zijn.

Doeke: Ik heb liefde voor alle soorten koekjes ;-)

Binnenkijken La Nonette en Doeke van Nuil - Oh Marie!
Binnenkijken La Nonette en Doeke van Nuil - Oh Marie!
Jullie huis heeft een bijzondere indeling, om nog maar te zwijgen over die geweldige schuifdeuren! Vertel eens, lopen jullie graag rondjes? Of vindt Angus dat vooral leuk?
Manon: Ik loop vooral rondjes als ik iets kwijt ben en loop te zoeken. We hebben ook wel eens achter elkaar aan gerend, maar Doeke is altijd sneller, haha! De kat vindt het heerlijk, die wordt heel onrustig als een van de schuifdeuren helemaal dicht is, dus laten we ze altijd op een kier. En in de zomer gooien we alles helemaal lekker open.

Doeke: Het is een heel fijn huis! En inderdaad: die schuifdeuren zijn super handig: je kan je gemakkelijk even afsluiten of juist alles open gooien.

Binnenkijken La Nonette en Doeke van Nuil - Oh Marie!
Binnenkijken La Nonette en Doeke van Nuil - Oh Marie!
Zit er een speciale gedachte achter de indeling van dit pand?
Dit pand is er een van een aantal flats dat op deze manier is gebouwd in 1971. Samen met onze drie buren delen we een grote gezamenlijke hal waarvan het idee is dat we hem met zijn allen een functie geven. Bij ons is het helaas vooral een opslagruimte, maar wie weet verandert dat nog.

Bijzonder is ook dat de buren zelf de nieuwe bewoners kiezen. Wij zijn eerst als geïnteresseerden op gesprek gekomen en uiteindelijk is de keuze op ons gevallen.

Binnenkijken La Nonette en Doeke van Nuil - Oh Marie!Binnenkijken La Nonette en Doeke van Nuil - Oh Marie!
Er is in deze flat meer sociale controle dan bij een standaard flat en de meeste bewoners kennen we in elk geval van gezicht. Er worden ook af en toe bijeenkomsten en borrels georganiseerd. Veel mensen wonen hier al sinds het begin en willen nooit meer weg.

Achter de indeling van het appartement zelf staat flexibiliteit centraal, de ruimte is zelf helemaal naar wens in te delen als één grote ruimte of juist als meerdere kamers.

Binnenkijken La Nonette en Doeke van Nuil - Oh Marie!
In welke staat troffen jullie het huis aan toen jullie erin trokken?
Oh, het was niet om aan te zien. Het huis was doorleeft en doorrookt, overal zaten nicotinevlekken, rare stickers, gaatjes, spijkers…en er zat geen vloer in. Ook had de vorige bewoonster een voorkeur voor vieze bruine kleuren. We hebben een maand geschrobd, gesopt en geverfd om uiteindelijk de lange muur maar gewoon grijs te verven omdat de vlekken er doorheen bleven komen. De hele operatie was één groot plan B en we konden de Gamma niet meer zien op een gegeven moment.

Binnenkijken La Nonette en Doeke van Nuil - Oh Marie!
Het is allemaal niet voor niks geweest: het huis is nu helemaal naar onze smaak ingericht. Het was echt een blank canvas. Terugkijkend heeft die klusmaand er ook voor gezorgd dat we ons hier direct heel erg thuis voelden.

Jullie zijn geliefden in hetzelfde creatieve vak. Hoe is het om dat gevoel te delen en werkt dat goed, of vliegen jullie elkaar creatief gezien weleens in de haren?
Manon: We zijn vanaf het begin (en dat is het eerste jaar van de kunstacademie) al samen, dus ging onze loopbaan meestal redelijk gelijk op. Na het afstuderen was het wel lastig om ineens echt concurrenten van elkaar te zijn: wanneer een van ons twee een opdracht kreeg die de ander ook heel graag had willen doen, bijvoorbeeld. Maar we gunnen het elkaar altijd, hoor.

Ook zijn we heel eerlijk naar elkaar en wordt er veel overlegd en gebrainstormd. Als ik iets niet zo mooi vind, dan zeg ik dat. Als Doeke echter achter zijn wijze van uitwerken blijft staan, kan ik daar vaak achteraf ook wel in komen. We vertrouwen erg op elkaars mening: ik stuur een opdracht meestal niet op voordat Doeke een go heeft gegeven. Andersom ook, trouwens.

We werken wel heel anders, haha! Doeke is goed met last minute deadlines en ik werk graag wat trager, neem graag de tijd. Ook heb ik altijd muziek opstaan als ik werk, anders raak ik afgeleid.

Momenteel lopen onze carrières voor het eerst in onze relatie uit elkaar, nu Doeke weer studeert en ik recent aan mijn baan als docent ben begonnen. Dat was vooral in het begin heel erg wennen, dat alleen zijn. Soms lopen we elkaar dagenlang mis.

Binnenkijken La Nonette en Doeke van Nuil - Oh Marie!
Doeke: Na het afstuderen was het samen werken inderdaad weleens pittig, maar in de loop der jaren zijn we dit juist als voordeel gaan zien. We werken soms samen en daarbij zijn we elkaar echt weleens in de haren gevlogen! Een groot voordeel is dat we elkaar en elkaars werk zo goed kennen, dat we heel gericht feedback kunnen geven op elkaars werk. Het is ontzettend leuk als je elkaar dan toch nog kan verrassen met iets nieuws.

Binnenkijken La Nonette en Doeke van Nuil - Oh Marie!
Binnenkijken La Nonette en Doeke van Nuil - Oh Marie!
Wat hebben jullie met dinosaurussen?
Doeke: Die zijn allemaal van mij! Ik was vroeger (en nog steeds) gek op dinosaurussen en verzamelde er alles van. Ik wou heel lang paleontoloog worden maar ben toch een creatievere kant op gegaan. Grappig genoeg wou Manon vroeger ook paleontoloog worden!

Manon: Yep, dino’s zijn cool!

Binnenkijken La Nonette en Doeke van Nuil - Oh Marie!
Wat is jullie meest persoonlijke werk en waarom?
Doeke: Lastig lastig, bijna al mijn persoonlijke werk heeft een autobiografisch karakter. Maar als ik dan toch echt moet kiezen, dan is de illustratie ‘Plants are friends’ mijn favoriet. Zoals je ziet staat het huis vol met planten, ik ben altijd aan het verzamelen en aan het stekken.

Manon: Al mijn eigen werk is heel persoonlijk maar als ik er een moet kiezen ga ik voor een strip die ik recent heb gemaakt over vrouwelijke seksualiteit. Het is een onderwerp waar ik al heel lang iets mee wou doen omdat gelijkheid tussen partners iets is wat vanzelfsprekend zou moeten zijn, maar wat het helaas nog niet altijd is. In de strip zijn mijn eigen ervaringen en die van een paar vriendinnen verwerkt. Het is een heel persoonlijke strip geworden en ik vond de publicatie ervan super spannend! De reacties waren gelukkig overwegend positief en lief.

Binnenkijken La Nonette en Doeke van Nuil - Oh Marie!
Jullie huis is heel rustig ingericht. Fijn! Hoe bewaar je die rust? En heb je dat nodig om creatief te kunnen zijn, of is dat geen halszaak?
Doeke: We woonden hiervoor in een appartement dat de helft kleiner was en dat stond heel erg vol, haha. Toen we hier naartoe verhuisden hebben we een selectie van spullen gemaakt omdat we het allebei fijn vonden de muren iets meer te laten ‘ademen’, daardoor heeft alles nu veel ruimte.

Manon: Eh, zo veel mogelijk opbergen tussendoor, maar meestal is het iets rommeliger dan op de foto’s. Doeke laat overal stapeltjes achter met papiertjes, boekjes en pennen en ik ben bijvoorbeeld een ramp met opruimen tijdens het koken. We proberen de boel in elk geval niet te vol te bouwen en steunen op een rustig kleurpalet. De planten helpen ook, trouwens. Ik heb de leegte wel nodig om me te kunnen focussen, een vol bureau leidt af, al is dat helaas wel vaak de realiteit.

Binnenkijken La Nonette en Doeke van Nuil - Oh Marie!
Wat is de allerbeste kringloopschat die jullie ooit vonden?
Manon: Voor mij is dat de secretaire. Doeke heeft hem gevonden in een Zwolse kringloop, toen we daar nog woonden. Ik wou al heel lang zo’n kast maar ze waren moeilijk te vinden en op Marktplaats erg duur. Hij werd toevallig net binnengebracht en Doeke is er naast gaan staan, heeft hem gereserveerd en heeft me daarna gelijk gebeld. Ik ben toen meteen gekomen, heb hem afgerekend en dezelfde dag stond hij nog bij ons in huis. Het groene gasfornuis is trouwens ook een favoriet!

Doeke: We waren op vakantie in Frankrijk en ergens in een kringloop kwam ik het houten bord met de print met bomen erop tegen. Eigenlijk was hij niet te koop maar mijn schoonmoeder heeft er met al haar charme voor gezorgd dat we hem mee mochten nemen voor 10 euro. De print doet mij denken aan de bossen rond Appelscha waar ik ben opgegroeid en voor Manon komt hij erg overheen met Frankrijk, waar ze vroeger veel zomers heeft doorgebracht.

Binnenkijken La Nonette en Doeke van Nuil - Oh Marie!
Hoe zijn de taken interieurtechnisch verdeeld? Of zijn jullie daar heel democratisch in?
Doeke: Mijn moeder zei ooit dat ‘we maar gewoon alles kochten bij de kringloop’ en hoewel het daar wel een beetje op neerkomt, zit er wel een duidelijke lijn in dingen die we mooi vinden. We hebben veel hout, veel zachte kleuren en houden het huis verder bewust heel open en wit. Omdat we in ons werk helemaal losgaan met kleuren en patronen denk ik dat we ons huis onbewust een beetje sober houden. Mijn smaak verandert altijd, dus af en toe halen we iets weg of voegen we iets toe.

Manon: Als ik iets echt niet mooi vind haal ik het soms stiekem weg, haha! Maar meestal zitten we aardig op een lijn. Doeke houdt wat meer van ’troepjes’ (zoals de stenen overal), al zal hij wel zeggen van niet, haha. Het huis hoeft van mij ook niet een grote kringloop te worden, daarom hebben we sinds we hier wonen meer hedendaags design toegevoegd.

Binnenkijken La Nonette en Doeke van Nuil - Oh Marie!
Wat kan jullie altijd opvrolijken?
Samen dansen door de woonkamer. En ijs. En taart. Eigenlijk al het eten in het algemeen.

En dan tot slot natuurlijk de vraag die al dit hele gesprek op onze lippen brandt: vertel eens iets over Angus? Wanneer is hij bij jullie komen wonen en wat is zijn meest grappige eigenschap?
Een vriendin vertelde dat vrienden van haar een nestje hadden. Omdat hij zwart was en een mannetje, was hij niet erg gewild maar daarom vonden wij hem alleen maar leuker.

We hebben hem als kitten opgehaald, heel passend op de 13e van de maand, op de wallen in Amsterdam. Zijn moeder was een ’tienermoeder’, eigenlijk nog te jong om al vruchtbaar te zijn.

Hij gedraagt zich als een hond: hij kwispelt nog net niet met zijn staart, maar hij luistert verrassend goed komt als je hem roept. Hij is heel lief en aanhankelijk maar totaal niet fotogeniek. Hij kijkt altijd chagrijnig!

Meer zien van het werk van Manon en Doeke?
La Nonette
Studio Doeke

Waar het hart van vol is, stroomt de mond van over: tegeltjeswijsheden

Mijn oma Marie – inderdaad, degene naar wie dit blog vernoemd is – had voor veel situaties wel een gezegde of uitdrukking paraat. Sommige officieel, sommige – zo bleek toen ik ze begon te gebruiken buiten familiaire kring – door haar zelf verzonnen en sommige zeer obscuur en vooral bekend in de regio ten zuiden van Rotterdam, waar ze opgroeide.

Mijn oma is helaas alweer veel te lang geleden overleden, haar uitdrukkingen zijn echter nog steeds springlevend. Ik gebruik ze veelvuldig, dapper meewarige blikken trotserend als ik er weer een blijk te gebruiken die niet in het officiële spreekwoordenboek opgenomen is. (Die ik er soms verontwaardigd op nasla, ervan overtuigd zijnd dat deze uitdrukking toch echt móet bestaan.)

Ik kan uren praten over gezegden, uitdrukkingen en tegeltjeswijsheden. Vraag maar eens aan Anne (die daarbij direct zal vertellen dat mijn hele taalgebruik rechtstreeks uit 1950 lijkt te komen). Ik weet niet precies waarom ik ze zo graag gebruik. Het heeft zeker iets te maken met mijn oma, met de herinnering aan haar en met de intimiteit van een familie, als ware het een codetaal. Het geeft een letterlijk gevoel van thuiskomen als je, zodra je je familiekring in stapt, elkaar direct begrijpt als je het hebt over ‘klanten die niet weglopen’. (Geen zorgen, die ga ik uitleggen.)

Ik verzamelde mijn vijf favoriete tegeltjeswijsheden van dit moment. Ze werden in Delfts blauw, want dat hoort bij tegeltjeswijsheden, voorzien van een hedendaagse omlijsting door Joëlle van Bits& Bobs.

Tegeltjeswijsheden - Oh Marie!
Het lijkt hier wel een Poolse landdag
Oorsprong/betekenis: Het gaat hier zeer verward en rumoerig toe. De landdagen van het koninkrijk Polen waren berucht door hun twistende vergaderingen.

De Polen mogen dan aan de oorsprong van dit spreekwoord staan, honderden jaren later kan men er in het bedrijfsleven nog steeds wat van.

Stel je eens voor dat je op een vrij groot kantoor werkt. Er wordt op een dag een vergadering belegd door iemand van de facilitaire dienst om de mogelijkheid te bespreken van het aanschaffen van een ander soort, duurder, toiletpapier. Jawel. Toiletpapier.

Jij wordt uitgenodigd, de facilitair manager, de huisbaas en de schoonmaker. Je zou denken dat je dan de belangrijkste personen aan tafel hebt zitten. Maar de facilitair manager nodigde de directeur ook uit aan te schuiven bij het gesprek en die nam de financieel directeur mee, want die gaat over de budgetten. De financieel directeur vindt het huidige wc-papier prima (en de prijs ook) en nam een collega mee om dat te onderschrijven. Die collega kent weer iemand uit de schoonmaakploeg, die er ook maar bij aanschuift (want iedereen wil immers zijn plasje over het onderwerp doen – sorry voor de woordgrap) en zo ontstaat er niet alleen een sneeuwbaleffect van aanschuivende collega’s met een mening, maar zal de discussie over het wc-papier er ook een worden alsof het om wereldvrede gaat. Iedereen praat door elkaar, er worden schuine poep- en plasgrappen rondgestrooid (wat de directeur weer niet kan waarderen, dit is een respectabel bedrijf, hij nam het ooit over van zijn vader, wat is dit voor niveau) terwijl de notulist om orde roept omdat er anders geen fatsoenlijk verslag gemaakt kan worden van deze drukkende kwestie (waarop ze heel hard lacht om haar eigen woordgrap – deze notulist is geheel naar schrijver dezes gemodelleerd).

Zie daar, een Poolse landdag.

Tegeltjeswijsheden - Oh Marie!
Het is nog geen avond, zei de kraaienvanger
Oorsprong/officieel: het is nog geen avond, had de kraaienvanger gezegd, toen had hij er al één.

Mijn opa en oma woonden in een huis van 100 jaar oud. Het was vrij klein en het had allerlei spannende trapjes, hoekjes en kastjes en was geheel gebouwd volgens de isolatieregel- en wetgeving uit 1900. Juist, die er toen nog niet was.

Hoe tochtig of gehorig het huis ook was, ik was er gek op.

Als ik bij mijn opa en oma logeerde dan sliep ik op ‘het zoldertje’, de kamer die letterlijk onder het dak en de schoorsteen lag. In de lente werd ik daar standaard wakker van de kraaien die in de schoorsteen nestelden. De schoorsteen fungeerde als klankkast, waardoor het leek alsof die vogels ofwel gigantisch waren, ofwel in je hoofd aan het nestelen waren in plaats van in de schoorsteen.

Tegenwoordig voorkom je dat vogels in je schoorsteen nestelen met een kraaienvanger: een metalen rekje dat je over de schoorsteen heen zet. Vroeger had je een kraaienvanger van vlees en bloed die de kraaien voor je weg ving. Van welke plek dan ook. Uit de schoorsteen, maar meer voor de hand liggend: van je zorgvuldig ingezaaide land. Over het lot van de kraaien is niks bekend, maar in mijn dimensie liet de kraaienvanger ze weer los in het bos of op een mooi weitje met veel kraaienvriendjes. Uiteraard.

Wat het gezegde betekent? Dat je de moed erin moet houden. Zolang het nog geen avond is, kunnen er nog kraaien gevangen worden. Of, vanuit het perspectief van de kraaien gezien: kun je nog vrij rondvliegen. Er is kortom, zolang het nog geen avond is, hoop.

Tegeltjeswijsheden - Oh Marie!

Het is voor klanten die niet weglopen
Oorsprong: onofficieel

Mijn oma was een vrouw met humor. En ze was, zoals veel vrouwen van haar generatie, altijd druk het runnen van het huishouden in de breedste zin van het woord. Ze vervulde haar taak met liefde, maar vaak ook (en laten we wel wezen, wie niet?) vanuit een streng gevoel van plicht. Als ze iets maakte voor iemand en het was niet helemaal perfect, dan zei ze: “Ach, het is toch voor klanten die niet weglopen.” Lief gezegd: het is onbetaalde arbeid, met liefde gemaakt. Maar ook: je moet het er maar mee doen!

Tegeltjeswijsheden - Oh Marie!
Waar niet is, verliest de keizer zijn recht
Betekenis: die niets bezit kan nu eenmaal niets betalen.

De diervriendelijke en chiquere versie van de kale kip waar niet van te plukken valt. Deze uitdrukking komt in veel talen voor, zo vind ik de Engelse versie ook prachtig: where nought’s to be got, kings lose their scot. Die Engelsen maken er gewoon een rijmpje van, 1-0 voor Engeland.

Ik zet deze graag in tijdens het spelen van bijvoorbeeld Kolonisten van Catan. Aangezien ik spelletjes meestal verlies (dat is zogezegd een wet van Meden en Perzen), mag ik mijn medespelers graag een beetje zieken met een stortvloed aan gezegden. Je moet wat, als gedoodverfde verliezer (oké, nu ben ik het echt aan het cultiveren).

Tegeltjeswijsheden - Oh Marie!
Een nachtvorstje en het is gedaan met de koopman
Oorsprong: zeer obscuur

Ik heb lang getwijfeld of ik deze in mijn top 5 moest zetten. Zijn oorsprong is namelijk niet alleen vaag, hij is vooral heel dierbaar en persoonlijk. En wie mij kent weet dat ik heel erg voorzichtig omspring met persoonlijke zaken op het internet. Hij staat niet voor niks onderaan dit rijtje, alsof ik hem zelfs nu nog steeds een beetje voor me uitschuif.

Deze uitspraak is één van de laatste die mijn oma gebruikte. Ze was ervan overtuigd dat er alleen nog wat milde nachtvorst nodig was om haar haar laatste beetje leven op te laten gebruiken.

Maar, het was nog geen avond, zei de kraaienvanger. Oma overleed op een van de eerste lentedagen van dat jaar. Zonder nachtvorst.

Of het een officieel gezegde is, of dat ze hem op dat moment verzon, weten we niet. Maar we houden hem in gebruik en daarmee de herinnering aan haar in ere.

Om deze reden hou ik zo van de uitdrukkingen van mijn oma: het is een van de mooiste erfenissen die ze ons heeft nagelaten. Ze zijn wat mij betreft stuk voor stuk 100% tegelwaardig.

“Blauw kan mij zowel inspireren als vervelen” – interview met illustrator Loes van Oosten

 Loes van Oosten - Oh Marie!
Loes van Oosten bewandelde een lang en moeilijk pad voordat ze haar grote creatieve droom kon najagen. Een lang revalidatieproces en het werken aan gedetailleerde stempels en paper cuts hielpen haar er bovenop te komen en gaven haar de kracht om het roer om te gooien. En dat terwijl haar liefde voor het papiersnijden geboren werd uit frustratie. Kan iemands verhaal beter bij ons thema passen? Wat ons betreft niet. Daarbij houden wij van Loes’ frisse en gestileerde werk. Hoog tijd voor een interview!

Tekst – Marlous Snijder
Foto’s – Loes van Oosten

 Loes van Oosten - Oh Marie!
Loes in het superkort?
Ik ben Loes van Oosten, 42 jaar. Samen met mijn lief Koen en onze jongens Teun (8) en Klaas (4) woon ik in Den Haag vlak bij het strand.

Wat doe je precies?
Sinds april 2015 ben ik zelfstandig illustrator en vormgever. Ik heb een liefde voor papier en inkt en laat me inspireren door het alledaagse en de natuur. Mijn onderwerpen bestudeer ik als een bioloog en ik vind het avontuurlijk om nieuwe beelden te creëren. Voor het maken van mijn illustraties maak ik gebruik van verschillende ambachtelijke technieken, zoals het snijden van papier, zeefdruk, handgemaakte stempels, linoleumsneden en lijntekeningen met een kroontjespen. Naast het maken van illustraties in opdracht voor zowel bedrijven als particulieren maak ik surface patterns en verkoop ik mijn vrije werk en kaarten in winkels en ateliers. In de weekenden geef ik creatieve workshops waarbij ik mijn kennis en enthousiasme voor ambachtelijke technieken deel.

 Loes van Oosten - Oh Marie!
Wat is je creatieve achtergrond?
MTS voor Mode en Kleding (kleermaker) en de Design Academy (concept en product vormgever).

Ben je altijd bezig geweest met het maken en creëren van dingen?
Ik ben eigenlijk mijn hele leven al creatief. Tijdens de les handwerken op de basisschool kon ik echt mijn ei kwijt en kwam ik tot bloei. Thuis vond ik het heerlijk om alleen in mijn kamertje met de radio aan te knutselen. Van een bol wol maakte ik een plattegrond van een huis op de vloerbedekking voor mijn poppen, van doosjes meubels en van oude kleding dekentjes en kleertjes.

Je werk is prachtig: figuratief maar strak. Zijn er bepaalde kunststromen of perioden die je inspireren?
Dank je! Voor mijn illustraties streef ik naar een helder, eenvoudig en gestileerd beeld in mooie kleuren. Ik heb een liefde voor de vormentaal en het kleurgebruik uit de jaren ’50, voor de gestileerde natuurvormen uit de art nouveau en voor Scandinavisch design uit de jaren ’50 en ’60.

 Loes van Oosten - Oh Marie!
2014 was een cruciaal jaar voor je. Zou je daar meer over willen vertellen?
In 2013 en 2014 ben ik heel erg ziek geweest. Ik was psychisch en lichamelijk uitgeput en was tot niets meer in staat. Negen jaar geleden kreeg ik tijdens mijn eerste zwangerschap hevige bekkeninstabiliteit. Vanaf dat moment ben ik in de overlevingsstand gegaan. De zorg voor de kinderen, gebrek aan slaap, werk en een zwaar revalidatie traject zorgden ervoor dat ik vastliep.

Vanaf dat moment heb ik een reis gemaakt van mijn hoofd naar mijn hart en ben ik op zoek gegaan naar mijn drijfveren en talenten. Ik kwam er achter dat ik hooggevoelig ben (ik dacht dat iedereen zo was) en wat dat voor mij betekent. In mijn geval betekent het dat ik rust en stilte nodig om goed te kunnen functioneren. Daarnaast werd tijdens deze periode voor mij bevestigd dat ik een hoge esthetische drijfveer heb en geïnteresseerd ben in andere mensen. Om weer bij mijn gevoel te komen, ben ik begonnen met het maken van handgemaakte stempels en gedetailleerde paper cuts. Op 1 januari 2014 ben ik mijn werk gaan delen met de mensen om mij heen en op social media. Ik kreeg veel positieve reacties, mijn zelfvertrouwen groeide en heel langzaam ontstond het idee om voor mezelf te beginnen. In april 2015 ben ik gestart als zelfstandig illustrator en vormgever. Ik voelde dat ik er klaar voor was om creatief te gaan ondernemen.

Heeft het scheppen je geholpen om door deze periode heen te komen?
Het geconcentreerd werken aan een paper cut, stempel of gedetailleerde pentekening ervaar ik als creatief mediteren. Het helpt mij om heel dicht bij mijn gevoel te komen en niet te denken, maar te doen.

 Loes van Oosten - Oh Marie!
Wat is de beste tip die je ooit van iemand kreeg?
Stop met denken en begin vandaag, het hoeft niet perfect te zijn. Sindsdien heb ik zelfs een mantra die ik herhaal als ik vastloop: ‘geloof in je talent, blijf in je kracht, deel je enthousiasme voor het maken en geniet van dit creatieve avontuur.’

Wanneer kwam je op het idee om paper cuts te maken van je illustraties?
Mijn eerste paper cut is geboren uit frustratie. Negen jaar geleden was ik zwanger van mijn oudste zoon, ik had een knuffel voor hem gemaakt en wilde er een kaartje bij maken. Adobe Illustrator beheerste ik toen nog niet, dus heb ik een tekening gemaakt, die uitgesneden, de volle vorm ingescand en omgezet in een digitaal bestand. Het snijden van papier begon dus functioneel en al doende kwam ik erachter dat ik steeds kleiner kon snijden en het fijn vond om zo geconcentreerd te werken.

 Loes van Oosten - Oh Marie!
Wat betekent de kleur blauw voor je?
Blauw kan mij zowel inspireren als vervelen. Blauwen die mij inspireren zijn vergrijsd blauw, groen blauw, indigo en paars blauw. De volle blauwen vind ik saai! Mijn afstudeerproject op de Design Academy was een winkelconcept gebaseerd op de fysische en psychologische werking van kleur op de mens. Dit vind ik nog steeds heel interessant!  Het kiezen van de juiste kleur is daarom ook heel belangrijk in mijn werk.

Wat kan jou altijd opvrolijken?
Zonnestralen en een goede latte macchiato.

 Loes van Oosten - Oh Marie!
Waar kunnen we meer over je lezen en je werk zien?
Ik deel mijn creatieve avonturen dagelijks op Instagram en Facebook.
Op mijn website vind je meer informatie over mijn workshops en verkooppunten!

34 jaar en uitvaartleider

Uitvaartleider - Femke van Midden - Oh Marie!
De dood is nauw verweven met het leven van de Addams Family. Ze lijken niet alleen in een onsterfelijke staat te verkeren, ze houden ook van activiteiten die een normaal mens niet zou overleven en bezitten een scala aan ‘onmenselijke’ eigenschappen. Voor hen is de dood net zo normaal als een losse hand die het huishouden doet. Of, om een iets aardser voorbeeld te geven, boodschappen doen.

Maar hoe is het om, in onze dimensie weliswaar, dagelijks bezig te zijn met de dood? We vroegen het Femke van Midden, uitvaartleider en 34 lentes jong. Voor haar werk begeleidt ze families na het overlijden van een dierbare van het moment vlak na overlijden tot aan het graf. Wat volgde was een verrassend licht gesprek over een zwaar onderwerp.

Uitvaartleider - Femke van Midden - Oh Marie!
Laten we beginnen met de vraag die op onze lippen brandt: hoe ben je in dit beroep terecht gekomen?

Na mijn opleiding Creatieve Therapie ben ik gaan werken in de kinderopvang. Ik werkte op de groep en heb ook een tijd een leidinggevende functie vervuld. Toch voelde ik me die 8 jaar in de kinderopvang nooit op mijn plek. Wat ik miste in de kinderopvang was een stukje diepgang.

In 2011 besloot ik dat het roer om moest. Vanuit mijn ervaringen met kinderen en mijn opleiding Creatieve Therapie wilde ik weten of er informatie of voorleesboeken te vinden waren over kinderen en het verlies van een babybroertje of -zusje. Want ook voor kinderen is het belangrijk om een groot onderwerp zoals verlies en de dood bespreekbaar te maken. Er bleek maar weinig te zijn geschreven over dit specifieke onderwerp. Dit kreeg ik bevestigd toen ik vrouwen interviewde die dit verlies hadden meegemaakt. Ik heb toen besloten om zelf een prentenboek te maken. Omdat ik vond dat ik een goed onderbouwd verhaal moest schrijven, besloot ik een opleiding voor uitvaartleider te volgen. Tijdens mijn opleiding schreef ik het boek en ging ik stage lopen bij Barbara Uitvaartverzorging in Utrecht. Op dat moment had ik mijn vaste baan in de kinderopvang al op hoop van zegen opgezegd. Na het afronden van mijn opleiding kon ik gelukkig in dienst blijven bij Barbara en zo ben ik het vak ingerold.

Uitvaartleider - Femke van Midden - Oh Marie!
Wat voor soort mensen werken in dit beroep? Zijn dat hele positieve mensen, of juist sombere mensen?

Dat laatste is wel het idee dat mensen vaak hebben. Als uitvaartleider moet je in ieder geval niet bang zijn voor de dood. Maar je moet ook zeker niet een soort Lurch-achtig type zijn, om het in Addams Family woorden te omschrijven. Als je bij het minste of geringste moet huilen, is het vak trouwens ook niet echt geschikt voor je. Je moet empathisch zijn en betrouwbaar. Je beleeft immers één van de intiemste en heftigste momenten uit het leven met een familie mee. Dat laatste afscheid is zó belangrijk, je kan het maar één keer goed doen.

De ene keer zit je met één man een uitvaart te regelen, terwijl je een andere keer alles moet regelen met een huiskamer vol mensen. Je moet iedere keer weer een andere of nieuwe manier vinden om met respect en consensus de uitvaart letterlijk en figuurlijk tot een goed einde te brengen. Soms is dat vreselijk moeilijk, als mensen bijvoorbeeld niks willen. Geen tekst willen voorlezen, geen muziek willen uitkiezen. Soms vragen nabestaanden me een paar dagen na het overlijden soms of ik hun tekst wil voorlezen omdat ze het zelf te spannend of moeilijk vinden. Het komt allemaal voor. Als uitvaartleider streef ik altijd naar een waardig afscheid van de overledene, desnoods met de kleine brokjes informatie die ik heb.

Ik ben een van de jongste medewerkers op mijn werk. De algemeen heersende mening is toch nog steeds dat dit een vak is voor mensen die ouder zijn, want je kiest dit beroep vaak pas als je al wat levenservaring hebt. Sowieso word je ook niet zomaar toegelaten op de opleiding. Je moet – hoe cru dat misschien klinkt – al het nodige meegemaakt hebben in zowel werk- als privésfeer.

Voor dit beroep moet je dus zeker een bepaald mens zijn, het is niet voor iedereen.

Uitvaartleider - Femke van Midden - Oh Marie!
Wat vind je het moeilijkst aan het beoefenen van je vak?

De nabestaanden maken een hele intensieve tijd met jou mee. Dus ook al ben je een ‘buitenstaander’ je deelt op dat moment wel een bepaalde ervaring met mensen. Dat is niet altijd makkelijk. Als je echt een klik hebt met een familie, word je één met zo’n familie. En wat ik al eerder noemde: er is geen generale repetitie. Je moet het in één keer goed doen.
Vooral in periodes dat het heel druk is, is dat moeilijk. Voor een familie ben jij de enige die er voor hen is, maar je werkt vaak voor meerdere families tegelijk. Hele drukke periodes zijn daarom veel intensiever, vooral door het tijd (en stress) element dat erbij komt kijken.

Overlijdens die letterlijk dichtbij komen zijn ook heel heftig. Toen ik zwanger was, begeleidde ik de uitvaart van een vrouw van 28. Haar kindje was voor haar overleden, haar man had in een paar maanden tijd zijn hele gezin verloren. Vreselijk. Mijn buik was op dat moment nog niet zichtbaar, want dan had iemand anders de uitvaart moeten verzorgen. Dat was veel te confronterend geweest voor de nabestaanden.

Het overlijden van iemand van 96 is toch een acceptabeler einde dan dat van iemand van 28. Op zulke momenten, waarop het leven een vreselijke wending heeft genomen voor de nabestaanden, is mijn vak erg zwaar.

Hoe ga je om met je eigen emoties als een overlijden zo dichtbij komt?

Je probeert altijd een professionele afstand te houden. Je hebt immers een belangrijke taak om te vervullen. Daarbij heeft de familie niets aan een uitvaartleider die mee gaat zitten snotteren.

Maar ik ben natuurlijk ook niet van beton. Als ik een klik heb met een familie kan het ook voorkomen dat ik vreselijk met hen zit te lachen aan de keukentafel. Verdriet en vreugde liggen heel dicht bij elkaar op zulke momenten.

Uitvaartleider - Femke van Midden - Oh Marie!
Worden bepaalde uitvaarten toegewezen aan bepaalde uitvaartleiders?

Het maakt niet uit wie een uitvaart toegewezen krijgt. Degene die dienst heeft, doet de uitvaart, ongeacht de leeftijd van de overledene. Soms komt het wel voor dat je vaker bij een familie komt of dat een familie specifiek om jou vraagt. Omdat Barbara Uitvaartverzorging een katholieke onderneming is en alleen ik en een collega nog wat protestants bloed in ons hebben, doen wij wel vaak de protestante uitvaarten. Ik heb ook gewoon uitvaarten gedaan toen ik zwanger was. Als iemand op hoge leeftijd overlijdt, vindt de familie het vaak wel weer mooi, dat nieuwe leven.

Zijn er bepaalde rituelen die heel erg Nederlands zijn?

Of het typisch Nederlands is, weet ik niet, maar drie stukjes muziek, koffie en cake in de koffiekamer, dat is toch in grote lijnen hoe mensen de gemiddelde Nederlandse uitvaart zien en waar bepaalde families nog steeds voor kiezen. Mensen vragen me ook vaak wat ‘normaal’ is. Ze hebben vaak geen idee wat er allemaal kan en mag. Terwijl het mooie is dat alles kan!
Het voor de rouwauto uitlopen vind ik ook een prachtig ritueel. We doen dat op de dag van de uitvaart, bij het verlaten van het woonhuis (ook midden in de nacht!) of het uitvaartcentrum en bij de aankomst op de begraafplaats en bij het crematorium. Ik heb geen idee of het een typisch Nederlands ritueel is, maar het is een mooi, respectvol gebaar.

Uitvaartleider - Femke van Midden - Oh Marie!
Heb je die link met kinderen behouden in je huidige werk?

Vanuit Barbara en door mijn boek, ben ik me momenteel meer aan het specialiseren in kinderuitvaarten. Al is dat dubbel, want je hoopt natuurlijk dat je nooit nodig zal zijn.

Zie je daar tegenop?

Enerzijds wel, omdat ik zelf moeder ben. Anderzijds, en dat klinkt misschien raar, heb ik beroepsmatig gezien ook zin om ermee aan de slag te gaan, om mezelf te ontwikkelen. Omdat je in dergelijke uitvaarten ook een kinderelement kan verwerken. Dat is denk ik toch weer die schakel naar mijn creatief therapeutische achtergrond. Daarbij vind ik het belangrijk dat kinderen ook betrokken worden bij een uitvaart, zodat het ook hun afscheid wordt. Bij zo’n zwaar onderwerp zijn kinderen zo’n licht element. Voor hen is het zoals het is, zij beleven dat nog heel puur.

Ondanks dat is het een ontzettend groot onderwerp. En hoop ik natuurlijk dat mijn expertise op dit gebied niet al te vaak nodig zal zijn.

Uitvaartleider - Femke van Midden - Oh Marie!
Is er een specifieke uitvaart die je hebt begeleid die je altijd is bijgebleven?

Een paar jaar geleden heb ik de uitvaart van de eigenaar van twee bekende kroegen in Utrecht verzorgd. De vrienden van de kroegbaas hebben uiteindelijk de hele ceremonie vormgegeven. Daar was ik ontzettend blij om, want uitvaarten van jonge en plaatselijk zeer bekende personen zijn megadruk om te coördineren.

De plechtigheid vond plaats in een binnentuin Utrecht, waarna de rouw- en volgwagens langs de kroegen van de overledene naar de begraafplaats zou rijden. Ik vind het altijd heel gaaf als de familie kiest voor een volgauto, zo’n rouwstoet heeft iets heel moois. Bij de kroeg stonden alle stamgasten te applaudisseren en gooiden witte en rode rozen. Op dat moment hebben we de rouwauto voor de kroeg stilgezet, ben ik uitgestapt en ben ik voor de rouwauto uitgelopen. Het was zo’n heftig moment, ik heb toen echt een aantal keren de brok in mijn keel weg moeten slikken. De chauffeur van de rouwauto heeft alle rozen op het dak van de auto gelegd en zo zijn we stapvoets naar de begraafplaats gereden.

Op de begraafplaats droeg de familie de kist naar het graf, waar een saxofonist stond te spelen. De rouwstoet liep naar de muziek toe. Er was door de nabestaanden zo prachtig buiten alle kaders gedacht en de uitvaart was volledig in de geest van de overledene uitgevoerd. Prachtig.

Uitvaartleider - Femke van Midden - Oh Marie!
Wat vind je het mooiste aan je werk?

Dat ik voor de families zo’n belangrijke taak mag uitvoeren. Of het nu Johnny en Anita of François en Amélie zijn die afscheid nemen, je doet het allemaal voor hen. Dat geeft een heleboel voldoening. Mijn werk geeft mij betekenis. Er komt veel bij kijken, maar iedere dag is bijzonder. Al is het na een dag tussen de doden ook altijd weer heel fijn om terug te keren naar het land der levenden.